woensdag 23 april 2014

Me And Mary

Ik zit aan een tafeltje in de luchthaven van Yangon en spendeerde zojuist mijn laatste Kyats aan een tea leaf salad. Mijn laatste maaltijd in Myanmar bestaat dus uit een lokale specialiteit. Lekker. Ik zal het missen, want ik heb echt kunnen genieten van het eten. Meestal ook een tweede maal. (Heeft u em?) Het was een uitdaging voor mijn spijsvertering en ook de warmte woog op sommige momenten zwaar, maar het was het meer dan waard. Myanmar was een fijn land om door te reizen en ik ben enorm content dat ik de keuze gemaakt heb om naar hier te komen. De 18 dagen in het land zijn vliegensvlug voorbij gevlogen en elk zintuig werd dagelijks meermaals geprikkeld. Voor mijn smaakpapillen geldt dat ze naast de lekkere salades ook hebben mogen proeven van de Beetlenut. Een soort van vrucht in tabaksbladeren waar men op kauwt waardoor een lichte 'high' veroorzaakt wordt. Vrij prettig gevoel, maar potverdikke een vorte smaak. Bovendien is het enorm verslavend, zorgt het voor een vieze roodbruine kleur op de tanden en voor hopen rode spuugvlekken overal op de grond. Enkel voor echte mannen. Mijn ogen hebben ook genoten. Zonsondergang over de Aweryadyarivier, zonsopgang over de tempels van Bagan, de slangen langs de weg, de van kleur veranderende kameleon op de gouden rots of de met tanakna beschilderde mensen. B-eautiful! Mijn neus daarentegen heeft niet elke moment kunnen genieten in Myanmar. Aan afvalverwerking wordt namelijk niet meegedaan. Het raam is de vuilbak, de voortuin is het stort. Maakt niet uit wat je kwijt wil, zelfs niet als je door een mooi natuurgebied treint. Mijn oren hebben ook afgezien bij momenten. Deze keer niet door het getoeter in het verkeer, zoals in Vietnam. Wel dankzij de televisie op de nachtbus. Er is amper beenruimte of werkende airco, maar voor een stel gigantische speakers en een flatscreen tv is er altijd plaats. Dvd's met nieuwjaarhits werden stevast op volume gehoorschade afgespeeld. Altijd en overal, dus ook 's nachts. Probeer dan maar eens te slapen. De muziek in Myanmar is ook echt niet je dat, helaas. Over het 5de zintuig wil ik niet te ver uitwijden. Ik kan enkel zeggen dat de mannen onder elkaar vrij lichamelijk zijn in Myanmar en niet terugdeinzen voor een pits in de poep tijdens een goed gesprek. Was me dat verschieten af en toe!

Hoewel er veel te wijten is aan de intrinsieke pracht van het gouden land moet ik ook toegeven dat ik veel geluk heb gehad met de reisgezellen. Voor het overgrote deel heb ik gereisd met Terri en Christine. Topwijven! Hun sociale skills zorgden ervoor dat we enorm veel mensen hebben leren kennen doorheen het land. Ook hun onderhandelingscapaciteiten waren fantastisch. Doorgaans bestond de tactiek uit een lieve glimlach op hen gezicht toveren en eindeloos blijven smeken tot de persoon achter de receptie niet anders kon dan toegeven. Het heeft ons een heel aantal dollars bespaard in een land waar prijzen vrij hoog zijn voor buitenlanders. Last but not least nog een hele dikke pluim voor hun goed hart. Twee schatten van mensen die me simpelweg in de watten gelegd hebben. Wanneer ze naar de winkel gingen kwamen ze zonder uitzondering terug met een fles water opdat ik toch maar niet zou uitdrogen. Ze zorgden ervoor dat we elke busrit, treinreis of wandeling voorzien waren van een snackbag met koekjes of snoepjes opdat ik toch maar niet te mager zou worden. Ze kwamen telkens aanzetten met een plan voor de volgende dagen opdat mijn schaarse dagen in het land toch maar niet verloren zouden gaan. Ze slaagden er zelfs meermaals in om in deze drukke reistijden rond het waterfestival - tijdens dewelke alle schaarse bussen telkens volledig volgeboekt zijn omdat heel het land vakantie heeft - toch nog bustickets te bemachtigen voor 3 personen. Kortom, ik was met mijn gat in de boter gevallen. Een van mijn persoonlijke hoogtepunten was het berichtje van Terri dat ik las toen ik na een 3daagse trektocht, waarop deftige bedden schaars waren en douches onbestaande. "Hey Trekking Man!! We booked a room and it has a bed with your name on it." En dat nadat ik op het laatste nippertje en zonder overleg had besloten om in Kalaw van de trein te springen, de trektocht te maken en 4 dagen niets van me had laten horen. Dat heet vriendschap.  Thanks a hella lot, beazies!

In de tussentijd kan ik nog melden dat alles goed me gaat. Mijn baard doet ook de groeten aan iedereen, maar heeft wel al een beetje schrik voor de schuine blikken en opmerkingen die hij zal moeten verduren wanneer we de grote boze Marcel, aka de papsel, zullen ontmoeten in de volgende halte: Hong Kong.  Doet me er aan denken dat een local in Myanmar me laatst vroeg waar ik vandaan kwam. Toen ik zei dat ik uit Belgium kwam, vroeg hij prompt of er veel Muslims wonen daar. Mijn baard en ik vonden dat wel grappig. Verder valt er nog te melden dat mijn schoenen steeds vuiler worden, dat ik her en der al souvenirs bij elkaar sprokkel en dat mijn wallen een steeds grotere oppervlakte van mijn gezicht bedekken. Dat laatste zal er niet beter op worden met 3 vluchten op 24 uur. 

Greetings from a travelin' man!

Edit: op dit moment ben ik al enkele dagen aan het bekomen in Hongkong. (Slapen op de luchthaven is vermoeiend!) Kleine cultuurschok toch wel hier in de big city. Al ben ik wel enorm goed opgevangen door Carmen een collega van onze pa. We zijn gaan eten en ze heeft me leuke delen van de stad laten zien. Heel gezellig en ook fijn om sinds lang nog eens een avond in het Nederlands te keuvelen. Ondanks de cultuurschok is het voordeel aan HK wel dat ik plots terug ben in de moderne beschaving. Dat wil zeggen aanwezigheid van grote supermarkten, chocolade en snel internet. Van dat laatste maak gebruik om een hele lading fotos te delen. Met dank aan Christine, Conny en Terri voor enkele shots.


Treinen in Myanmar





De prachtige tempels in Bagan






Myanmar is enorm religeus. Pagodas, tempels en monikken in alle soorten en gewichten.






Mensen, slangen en volle bussen in Myanmar







Ward en vrienden in Myanmar






Een paar mooie landschapjes











Random sfeerbeelden








donderdag 17 april 2014

Earth. Wind. Fire. Water!

Als iemand me zou vragen wat nu juist het verschil is tussen reizen in Myanmar en reizen in de rest van Zuid-Oost Azië, dan zou ik daar niet meteen een antwoord op kunnen geven. En toch is het wel degelijk anders. Ik zou verscheidene voorbeelden kunnen aanhalen ter illustratie. Zo is er de visumaanvraag. Die is namelijk net iets omslachtiger dan voor een land als Vietnam. Je moet op de ambassade een soortement van reisroute voor kunnen leggen wanneer ze daar naar vragen en dus vergt dat wat meer voorbereiding. Dat is even aanpassen voor een man zonder plan. Een ander voobeeld zou mijn beperkte kennis over het land kunnen zijn. Nu ja, kennis. Ik wil gerust toegeven dat ik er de ballen van kende. Enkel het feit dat Myanmar ook soms Birma genoemd wordt, en dan voornamelijk door de kolonialisten onder ons, was me bekend. Die onwetendheid blijkt trouwens ook het geval voor vele andere backpackers. Er ging met andere woorden geen enkel belletje rinkelen toen ik steden moest opzoeken met klinkende namen als Mandaly, Mawlamyine of Yangon. Fun fact: in Yangon zijn waarempel (dat woord wilde ik al lang eens gebruiken) geen brommertjes te bespeuren. Enkel auto's zijn van de partij. Het gerucht doet de ronde dat één van de machtige generaals er geen zin in had en dus motorbikes heeft verbannen uit de stad. Gemakkelijk! Dat brengt me naadloos bij een ander voorbeeld: het regime. Het feit dat we weinig weten over het land heeft alles te maken met het gesloten bewind dat er jaren en jaren heerste. Hoewel er dingen veranderd zijn na de zogezegde democratische verkiezing in 2010 is het huidige regime nog steeds zeer sterk verbonden met dat van de 20 jaar ervoor. Het zijn nog steeds ex-militairen die beslissen wat er gebeurt in het land. Zelfde wijn in een andere fles wordt daarover gezegd en bijgevolg nog steeds geen democratie noch tolerantie voor tegenkanting.
Er zijn nog meer kleine voorbeelden aan te halen zoals de treinrails die een wel erg hoog rollercoastergehalte hebben, het vuilnis dat hier in nog grotere hopen op straat gegooid wordt of het feit dat de mannen een traditionele rok - ook wel longyi genoemd - dragen, maar dat is eigenlijk allemaal minder relevant. Het grootste verschil zit em eigenlijk gewoon in de mensen. Veruit het meest vriendelijke volk dat ik al hebben mogen ontmoeten. Ik dacht thans echt dat het na Laos, waar ook enorm gastvrije symphatiekelingen rondlopen, niet meer beter kon worden. Het kan dus wel degelijk, namelijk in Myanmar. Verzamelde voorbeelden daarvan zijn op een week tijd in feite al tot in het oneindige opgelopen. Ik ga het nooit allemaal kunnen onthouden. Laat staan vertellen. Hopelijk maakt een beschrijving van mijn treinrit tussen Yangon en het centraal gelegen Kalaw een en ander duidelijk.

Om 16u30 sta ik samen met Terri en Christine, twee goedlachse dames uit respectievelijk the US of A en Canada waar ik samen mee reis deze dagen, op het peron in het Yangon treinstation. Welke richting we uitgaan, vraagt een ons onbekende man nog geen minuut na onze aankomst. We overhandigen ons ticket naar tussenstop Thazi dat we eerder die dag geboekt hadden. De man knikt en wil dat we hem volgen. Hij loopt helemaal mee tot aan onze wagon, tot aan onze coupé, wijst aan welke drie bedden (we gaan met de slaaptrein) de onze zijn en geeft ons ticket braaf terug. We installeren ons rustig en de trein vertrekt. We hebben een roomie. Amule is de naam. We vragen of hij weet hoe de ventilator werkt. Hij drukt alle knoppen een keer of 3 in. Het werkt niet. Het volgende half uur is hij bezig met de conducteur aan te spreken over de elektriciteit en haalt hij de ventilator in en uit elkaar om te kijken wat er mis is. Met een droevige blik maakt hij duidelijk dat hij het niet kan fixen. Niet zo erg want de zon is ondertussen onder en er komt een heerlijke zomerbries doorheen de open ramen van de trein. Amule maakt ook duidelijk dat hij wil proberen gitaar te spelen (Ik heb een goedkope gitaar gekocht in Yangon om verder te reizen. Hoezee!) en laat me een nummer op zijn mp3-speler horen dat hij heel mooi vind. Ik zoek de akkoorden van het toch wel kutnummer uit en leer ze hem. Hij is in de wolken. Even later stopt hij één van zijn koptelefoonoortjes in mijn oor, dan kunnen we samen naar muziek luisteren. Ik besluit om naast gitaarles ook muzikale opvoeding te geven en ram opeenvolgend Pinback, The Shins, The Strokes, Sufjan Stevens, The Police en The Kinks door zijn rechteroor. Hij vuurt vele luchtgitaarsolo's af. He likes it.
Ik wordt wakker ongeveer om 4uur in de morgen. Een kwartier voordat we in Thazi aankomen. Leve de biologische reisklok! Ik maak de meisjes wakker en we rollen van de trein. Een vriendelijke man doet de moeite om onze coupé nog even door te zoeken met een zaklamp en geeft nog gauw mijn zakje met oordoppen, dat ik kwijt was geraakt, aan door het raam van de vertrekkende trein. Thank you very much sir! Ook in Thazi op het peron spreekt iemand ons meteen aan om te vragen waar de reis heen gaat. De meisjes slapen nog zo goed als en dus maak ik de man duidelijk dat we richting Kalaw gaan. De man doet het nodige en nog geen 20 minuten later heb ik de juiste tickets en informatie beet om de reis verder te zetten. Het is wel nog een uurtje wachten op onze aansluitende trein.
Het wordt een boemeltrein doorheen de bergen en bijhorende dorpjes. Het is nieuwjaar in Myanmar (al de derde keer dat ik nieuwjaar vier dit jaar) en iedereen is in z'n nopjes. Het is namelijk de belangrijkste week van het jaar. Het grootste feest en de langste vakantie. Iedereen gaat van de grote steden terug naar huis voor een week om familie op te zoeken. De trein zit dus vol, voller, volst. Uiteraard staat iedereen zijn zitje af aan ons, en als ik dan toch een oudere man heb kunnen overtuigen om op mijn plaats te gaan zitten schiet er meteen iemand recht om een zijdeur te openen. Zo kan ik op het trapje zitten, voetjes naar buiten en genieten van het uitzicht. Ik ga zitten, maar niet voordat nog een andere jongeman en plastieken zakje onder mijn gat schuift opdat ik toch maar niet op de grond moet gaan zitten. Onderweg stopt de trein ook ergens in een dorpje alwaar de de stationschef heel de trein vriendelijk uitnodigt om op zijn kosten een vers gemaakte champignon noodle te eten in een geimproviseerd openluchtrestaurantje op het perron. Oh ja, nieuwjaar noemen ze hier ook het waterfestival. Dat is ook bekend in Thailand. Mensen gooien kwistig met water om alle zonden weg te wassen, overal en naar iedereen. De dorpelingen gooien langs de sporen ook binnen in de voorbijrijdende trein. Een watergevecht later, waarvan de dorpelingen wegens het gebruik van emmers duidelijk de grote overwinnaars zijn, komen enkele gasten met me praten. Al gauw wordt de gitaar het gespreksonderwerp, dat is namelijk gemakkelijk uit te beelden. (Bij deze nog even Vincent bedanken voor dat boekje over lichaamstaal... Stevig nuttig wezen!) Ze willen dat ik bij hun kom zitten met gitaar. Er is nog een gast die gitaar speelt. De deal is dat hij een nummer uit Myanmar speelt en daarna ik een Westers. De hele wagon zong uit volle borst mee en er werd lustig geapplaudiseerd, althans dat was zo voor de nummers die niet door mij gespeeld werden. Na Proud Mary, Folsom Prison Blues of No Woman No Cry kreeg ik telkens een lauw applaus, voornamelijk voor de gedane moeite. Ik steek het op het feit dat ze amper Engelstalige muziek kennen ... Ik kreeg wel bijna een ovatie toen er een gemeende 'I love Myanmar' over mijn lippen rolde. Iedereen content. Een paar uur, enkele biertjes, veel rijst, liters water en veel onverstaanbare Myanmarese moppen later nam ik afscheid van mijn twee vrouwelijke reiscollega's en mijn andere treingezellen. Er staat namelijk een 3daagse trektocht van Kalaw naar het mooie Inle lake op het programma. Een treinreis van een 20-tal uren is, raar maar waar, voorbij gevlogen.

Geen foto's deze keer wegens traaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaag internet. En geen goesting.

woensdag 2 april 2014

Champagne Ideas, Lemonade Money

Laat u niet misleiden beste lezer. De titel van deze blog heeft bitterweinig met de inhoud te maken. Ik had ook de poeet in mij kunnen aanspreken om meer gepaste titels uit mijn mouw te schudden. Been there, Don Det bijvoorbeeld. To beard or not to beard had ook gekunnen (... gekunt?) was ook mogelijk. Zeer toepasselijk zou ook zijn: Hoe fokking werm is het hier wel nie jonge!? (Het is hier namelijk heel erg fokking werm!) Maar neen, het is geworden: champagne ideas, lemonade money. De spreuk was op iemands lijf geinkt. Ik heb het niet eens zelf gezien, maar heb het van horen zeggen. Eric vertelde het me. Hij vond het wel grappig. Ik vond het ook wel grappig. Hij heeft zelf ook een paar tattoo's, waaronder de healing Buddha. Had ie laten zetten tijdens de chemotherapie van zijn vriendin en soon to be wife, Eve, zo'n 2,5 jaar geleden. Deze Eric is niet de Amerikaan uit mijn vorige blogpost. Deze Eric is namelijk geen Amerikaan. Hij was wel, net zoals zijn Eve en ikzelf, een deel van de groep tijdens de 'Three Top Experience'. Dat was een 3daagse in de jungle. Stevige trektochten naar omhoog en dan het dal terug naar beneden al kabelbanend. Soms kort, soms lang, soms snel, soms traag, maar altijd in een prachtige omgeving. En als we niet door het bladerdak zoefden dan waren we wel aan het struikelen of uitglijden op de stEIle paden. Nu ja, paden ... eerder het traject dat de gids voor ons uitstippelde. Een pad viel niet altijd te bespeuren. Afzien. Om van de tropische regenbuien nog maar te zwijgen. Wie geen verkrampte kuiten, omgezwikte enkels of geschaafde ledematen had, zat wellicht volledig onder de muggen/insectenbeten. Maar niemand die klaagt. Hoe harder de weg, hoe groter de belonging. Een duik in een natuurlijk zwembadje aan de voet van een waterval in het midden van de jungle was nog nooit zo verfrissend. En zoveel vlinders! Paradijselijk. Zoiets maakt een mens gelukkig. Op zo'n momenten voel ik me dan ook een gelukzak. Het was tijdens zo'n rustpauze aan een waterval dat ik Eric aansprak over zijn beinkte armen en dat hij vertelde over de champagne tatoeage en die van de helende Buddha. Hij had er ook een op zijn arm ter ere van zijn aan kanker overleden vader. Hij dacht eraan om nog meer te laten zetten, maar was voorlopig nog aan het sparen voor andere zaken. Het huwelijk met Eve kwam er binnenkort aan en ze waren bezig aan hun pre-honeymoon. De dokter had hen aangeraden om die huwelijksreis toch maar wat naar voor te schuiven. Nochthans was Eve een jaar geleden weer gezond verklaard. De tests in december daarentegen waren onverbiddelijk. Er waren weer uitzaaiingen gevonden. Nog een jaartje had ze, naar alle waarschijnlijkheid. Therapie was niet meer mogelijk. Eve had het ook echt lastig. Fysiek was het pijnlijk. Haar spieren waren minder sterk en ze was enorm gevoelig voor blauwe plekken. Haar benen stonden vol. Toch, klagen daar deed ze niet aan mee. Prachtig om te zien hoe ze zichzelf voor elke stap oppepte. Ook heel mooi om te zien hoe Eric er mee omging. Hij bleef altijd heel rustig, kon zijn cool goed bewaren en uitte op de gepaste momenten als een volleerde coach een jolijke: "Hup met de geit!". Lieve mensen. Mooi en jong koppel. Ze waren ook heel open over de hele situatie. Ook naar de groep toe. Ondanks de moeilijke momenten waren ze volop aan het genieten van de omgeving, van het avontuur en van elkaar. Met een lach en traan. 
En ik deed lustig mee. 

Een groep avonturiers

Kaarten en gezellig tafelen in het three top hoofdkwartier

Stevig hangen aan de kabelbaan

Shithead spelen in de boomhut tot in de late uurtjes 
Het werd een persoonlijke vete tussen Tarzan en Jane (zo heet ze echt)  

Sticky rice lunch in de Jungle

Een onduidelijke foto van de grootste wandelende tak ooit

Stevig kabelbanen (volg de kabel)

Landscape photobombing!

De kabelbaantocht door de jungle was met andere woorden een aangename ervaring. Zo ook mijn 3daagse solo op de motorbike (lees: scootertje). Het blijft elke keer geniaal. Voltanken, helmpje op, gas open en gaan. Vrijheid. Af en toe een stop om een verse mango te bikken of een tros bananen in te slaan. Ik ben zelfs twee keer gestopt om een verser dan verse Laotiaanse koffie te drinken. Het pure spul, dus zonder de suiker (en ik begin het zowaar te appreciëren). Onderweg terugzwaaien naar de kinderen in de dorpen of gewoon trachten de loslopende kippen, koeien en varkens te ontwijken. En iedere avond het gevecht met de ondergaande zon om toch maar tijdig in een dorpje aan te komen om een slaapplaats te zoeken en niet te moeten rondrijden in het pikkedonker. (Zon versus Ward: 3 - 0). Op de route - een tour van 350 kilometer over het Bolaven plateau in het zuiden van Laos - lagen ook verschillende watervallen. Ik heb veel watervallen gezien. Ik kan het op mijn handen en voeten niet meer tellen. Of het elke keer de moeite was? Zoals ik al zei: hoe harder de weg, hoe groter de beloning. De beste plekken moeten verdiend worden. Na een paar uur onder de brandende zon op de motor via een afgelegen zandweg of na een tochtje door de jungle waar bij elke stap reuzesprinkhanen in het rond springen en (kleine, maar toch) reptielen wegritselen is het altijd net een beetje beter. De kans dat er niet te veel andere mensen op die plek rondhangen is dan bovendien aangenaam hoog. Een fijne belevenis was het. Ik had daarenboven het geluk de sympathieke Duitser, Lasse, tegen het lijf te lopen op dag 1. Hij was de enige (niet enigste want je bent al alleen dus kan er geen sprake zijn van een overtreffende trap) andere verdwaalde ziel die ook rondliep boven op een uitgedroogde en desolate waterval. We geraakten aan de praat, het klikte en we hebben de rest van de route samen afgewerkt. Hoogtepunt was de waterval Tad Alang. Kilometers op hobbelige en stoffige zandwegen om dan in het donker in een afgelegen dorpje aan te komen zonder electriciteit of stromend water. Ze hadden gelukkig wel bier Lao, whiskey lao, een mosquito net en een houten vloer. Meer heeft een mens niet nodig om de nacht door te brengen. 

Saltos maken met de local kids


Opgedroogde waterval met een sjoon uitzicht


Mango boefen aan de kant van de weg met Lasse


Koeien zijn er om ontweken te worden

Zon gaat onder. It will be dark soon.


Stevig poseren voor de foto bovenaan de waterval

Stevig zwemmen beneden aan de waterval

Regenboog, bloemetjes en waterval. A little piece of heaven.

Koffieke drinken en de route bestuderen

Na al die actieve actievigheid werd het wel tijd om het even rustig aan te doen. Dat heb ik dan gedaan in het zuiden van Laos op de 4000 islands. Of toch op 1 van die 4000: Don Det (de aandachtige lezer begrijpt bij deze de referentie  naar potentiële titel nummer 1 aan het begin van deze blogpost!). Don Det staat ook wel bekend als hangmatland. Je kan er enkel geraken met een bootje. "En wa doet ne mens zoal op Don Det?', zo vroeg mijn broer me tijdens een geanimeerde skypesessie met het thuisfront. Niet heel veel in feite. Ik heb wat gelezen in de hangmat, veel banana pancake met chocolat gegeten, wat rondgefietst en wat in de Mekong geploeterd. Meestal samen met Samira, Hannah, Xavier en/of Omer. Vrienden die ik onderweg in Laos had ontmoet en terugvond, per toeval, op het eiland. 
Don Det was trouwens een strategisch belangrijk eiland een poos geleden, samen met het nabij gelegen eilandje Don Kone. Franse ontdekkingsreizigers wilden stroomopwaarts de Mekong, die in Tibet ontspringt, bevaren. Dat zou namelijk ideaal zijn om vanuit hun Cambodiaanse en Vietnamese kolonies een handelsroute op te zetten richting China. Rond de eilandjes zijn er echter overal stroomversnellingen. Geen stroomversnellingkje à la Ourthe ofzo. Eerder in de zin van Niagara Waterfalls met massief veel, kolkend water. Geen sinecure om een stoomboot over te laten varen en dus werd dit deel, over Don Det en Don Kone, via een spoorweggetje overbrugd. Aan de andere kant van de eilanden wachtte dan een andere boot voor de goederen en passagiers. Slim toch?
Van dit historische feit blijft niet veel meer over aangezien er zich nu vooral luie backpackers verzamelen. De originele landbouwers hebben het boeren dan ook zo goed als achter zich gelaten en zijn zowat allemaal met een guesthouse of restaurantje begonnen. Weinig authentiek dus, maar wel relaxed. 

Welcome to my office

Scheve bomen in de Mekong in het droogseizoen

Na een dag of 4 ben ik er weggevlucht en heb ik de bus naar Bangkok genomen. Eens de grens over was het wel een kleine cultuurshock. In tegenstelling tot in Laos moet er niet constant geremd worden voor spelende kinderen op straat of zijn er geen uitwijkmanoeuvres voor koeien meer nodig. In Thailand zijn er zelfs kruispunten met lichten, meerdere rijvakken en het asfalt ligt er vrijwel bultloos bij. Ik moet wel toegeven dat ik voor de eerste keer in 3 maanden echt het gevoel heb gehad dat ik me stevig in het zak heb laten zetten. Afgeript door een taxi. Mannekes, mannekes, ... die hebben mij goed liggen gehad. Ik heb wellicht 4 a 5 keer het gangbare tarief neergeteld (25 euro voor een rit van een dikke 5 euro). Ik steek het op het feit dat ik nog half aan het slapen was aangezien de bus om 4u30 aangekomen was in BKK. 
Daar zit ik op dit moment nog. Ik heb enkele dagen moeten wachten op een visum voor Myanmar, want dat zal mijn volgende bestemming worden. Het wachten was niet zo erg aangezien de hostel enorm netjes en zelfs een beetje luxueus is. Er is een heuse chillroom met films, goed ontbijt is inclusief, grote bedden, gratis koekjes en snoepjes, werkende airco. De hostelsfeer is helaas niet supersociaal. Dat is soms wel eenzaam zijn als je alleen reist, maar doorgaans weet ik wel wat te doen. Ik spendeer mijn dagen hier met het voorbereiden van mijn reis naar Myanmar, wegvluchten van de warmte in de malls (het doet me hier trouwens behoorlijk denken aan Kuala Lumpur en dat doet deugd), en een beetje rondtafelen op en door de marktjes en de straatjes in de stad. Ik ben zelfs al naar de gym geweest. De enige plaats waar je langer dan 5 minuten kan sporten zonder gedehydrateerd dood te vallen in deze warmte. I'm going places.

Ik wil ook nog melden dat het bijzonder jammer is dat ik zondag niet naar Vlaanderens mooiste zal kunnen kijken. Via deze weg wens ik Tom Boonen veel succes! Ik mis de Vlaamse koers wel een beetje, net zoals de Vlaamse meisjes en mijn gitaar.

U weze bij deze upgedate!

Bye

Two beards or not two beards

Een random foto van een straat in Bangkok

Voeten van de Reclining Buddha. Wie de rest wil zien kan hier klikken.